Wanneer een zwangere vrouw vreest dat het vasten schadelijk is voor haar kind, dan mag zij het vasten verbreken.
Het bewijs is het algemene principe uit de Qur’an:
فَمَن كَانَ مِنكُم مَّرِيضًا أَوْ عَلَىٰ سَفَرٍ فَعِدَّةٌ مِّنْ أَيَّامٍ أُخَرَ
“Wie van jullie ziek is of op reis, dan (moet hij) een gelijk aantal andere dagen (vasten).”
Qur’an 2:184
De meerderheid van de Mālikī-, Shāfiʿī- en Ḥanbalī-geleerden stellen:
- Zij moet de gemiste dagen inhalen (qaḍāʾ)
- Er is geen fidyah (voeding) verplicht
Omdat haar toestand tijdelijk is en zij onder de categorie van ‘tijdelijke onmacht’ valt.
Was dit antwoord nuttig voor je?
Dit antwoord is algemeen van aard en vervangt geen persoonlijk advies. Twijfel je over jouw situatie? Stel je eigen vraag →