Leestijd 13 minuten

Israa en Miraj

De miraculeuze nachtelijke reis en hemelvaart van de profeet mohammed

Inleiding

In de kern van vele spirituele tradities ligt het concept van wonderen – buitengewone gebeurtenissen die de wetten van de natuur lijken te overstijgen. Deze gebeurtenissen worden niet alleen gezien als bewijs van het goddelijke, maar ook als tekenen die de mensheid richting en hoop bieden. In de islamitische traditie zijn wonderen (Arabisch: معجزات) diepgaand verbonden met het geloof in Allah’s almacht en barmhartigheid. Ze dienen als herinneringen aan Zijn onbegrensde macht en wijsheid, die de menselijke rede te boven gaan. Desondanks nodigen ze uit tot rationele overweging over het bestaan en de aard van het goddelijke.

Een van de meest opmerkelijke voorbeelden binnen de islam is de Israa en Miraj, de miraculeuze nachtelijke reis en hemelvaart van de Profeet Mohammed (vzmh). Deze gebeurtenissen benadrukken de spirituele verhevenheid van de Profeet en het concept van het transcendente, waarbij de ervaring verder reikt dan de materiële wereld en de normale perceptie van ruimte en tijd.

Wat is een Wonder?

De term ‘wonder’ in de taal betekent datgene waar de tegenstander in een uitdaging niet tegenop kan. In terminologie is een ‘wonder’ een buitengewoon fenomeen dat gepaard gaat met de claim van profetie, bedoeld om de waarachtigheid van de persoon die de profetie claimt te bekrachtigen, terwijl de ontkenners niet in staat zijn om iets soortgelijks te produceren.

Het menselijk onvermogen is een bewijs dat een wonder een daad van Allah is, de Almachtige over alles. En Allah verricht geen wonderen behalve om aan degenen tot wie de boodschapper is gezonden te bevestigen dat Hij, de Verhevene, degene is die deze boodschapper heeft gezonden en dat zij verplicht zijn hem te volgen en te handelen volgens de religie en de wet waarmee hij komt.

In de islamitische traditie worden wonderen beschouwd als manifestaties van Allah’s onmetelijke macht en genade, die dienen om de mens bewust te maken van de grenzen van het menselijk intellect en het bestaan van een superieure kracht te erkennen. Deze benadering stelt dat wonderen niet onlogisch of irrationeel zijn, maar eerder binnen de grenzen van het mogelijke vallen. Er wordt een belangrijk onderscheid gemaakt tussen wat binnen het bereik van menselijke rationaliteit valt en wat het menselijk begrip te boven gaat. De wonderen die bij alle profeten hebben plaatsgevonden, worden als rationeel mogelijk beschouwd, ondanks dat ze uniek zijn en niet eerder door de mensheid zijn waargenomen of ervaren. Dit draagt bij aan hun betekenis en onderstreept het idee van goddelijke interventie. Allah’s oneindige kennis en macht stellen Hem in staat om de gevestigde orde van zaken te veranderen, wat niet in tegenspraak is met de logica maar juist ons begrip van de mogelijkheden uitbreidt. De Koran moedigt de mensheid aan om over de schepping en haar wonderen na te denken als een pad naar het begrijpen van de grootsheid van Allah.

De Betekenis en lessen van Israa en Miraj

De Israa en Miraj zijn twee kernbegrippen binnen de islam die verwijzen naar de bijzondere reis van de Profeet Mohammed ﷺ. Hieronder wordt uitgelegd wat deze termen betekenen en hoe ze betrekking hebben op deze unieke gebeurtenis.

Israa betekent ‘nachtreis’. Het komt van het werkwoord ‘sara’ wat ‘reizen bij nacht’ betekent. Dit wordt weerspiegeld in de woorden van Allah in de Koran: “Geprezen zij Hij Die Zijn dienaar bij nacht heeft doen reizen” [Al-Israa:1]. Deze passage verwijst naar de eerste fase van de Profeet’s reis, waarin hij ’s nachts werd vervoerd van de Masjid al-Haram in Mekka naar de Masjid al-Aqsa in Jeruzalem.

Miraj betekent ‘ladder’ of ‘middel om op te stijgen’. Het duidt op het mechanisme of de manier waarop iets of iemand omhooggaat. Binnen de islamitische traditie illustreert dit de opmerkelijke verheffing van de Profeet ﷺ van Al-Aqsa naar de hemelse sferen, een tocht die op een miraculeuze wijze plaatsvond.

In academische termen biedt de Isra en Miraj een rijke stof voor theologische en filosofische beschouwingen over de aard van wonderen, profetie, en de interactie tussen het goddelijke en het menselijke. Deze gebeurtenissen benadrukken de centrale rol van de Profeet Mohammed (vzmh) als de ultieme bemiddelaar van goddelijke kennis en wijsheid aan de mensheid, en als een levend voorbeeld van spirituele excellentie en toewijding.

De Isra en Miraj overstijgen eenvoudige historische gebeurtenissen; ze symboliseren de diepte van Allah’s barmhartigheid en de verheven status van de Profeet Mohammed (vzmh). Deze gebeurtenissen nodigen uit tot reflectie over de essentie van geloof, de betekenis van profetie, en de ondoorgrondelijke aard van het goddelijke. Ze herinneren ons eraan dat de werkelijkheid veel gelaagder is dan ons beperkte menselijke perspectief kan bevatten, en dat de band tussen de Schepper en Zijn schepping doordrenkt is met wonderen en tekenen.

Zo blijven de Isra en Miraj een bron van inspiratie en geloofsverdieping voor gelovigen, een herinnering aan de grenzeloze mogelijkheden die geloof opent, en een bemoediging om altijd te streven naar een diepere verbinding met het Almachtige.

Wanneer heeft Isra en miraj plaatsgevonden?

De gebeurtenis van de Isra en Miraj vond plaats in het jaar 620 na Christus, wat overeenkomt met het tiende jaar van de profeetschap. Dit was na het ‘Jaar van Verdriet’, een periode waarin de Profeet Mohammed ﷺ zowel zijn oom en beschermer Abu Talib verloor, die hem beschermde tegen de kwaadwilligheid van de Quraysh, als zijn vrouw Khadija bint Khuwaylid, moge Allah tevreden met haar zijn, de eerste gelovige vrouw en een trouwe metgezel op zijn pad. Na deze periode van persoonlijk verlies en verdriet, ervoer de Profeet ﷺ de opmerkelijke gebeurtenis van de Isra en Miraj, een keerpunt in zijn leven en missie.

De nachtelijke reis en hemelvaart

De Israa en Miraj staan symbool voor twee van de meest ontzagwekkende en spiritueel verheffende gebeurtenissen in de rijke tapijtwerk van de islamitische geschiedenis. Deze wonderbaarlijke reis van de Profeet Mohammed (vzmh), die begon bij de Heilige Moskee in Mekka en hem via de Verste Moskee in Jeruzalem naar de hemelen leidde, waar hij de Almachtige Allah ontmoette, is een verhaal van ongeëvenaarde spirituele diepgang en inspiratie.

De Israa wordt vermeld in de Koran in Soera Al-Isra:

سُبْحَانَ الَّذِي أَسْرَى بِعَبْدِهِ لَيْلًا مِّنَ الْمَسْجِدِ الْحَرَامِ إِلَى الْمَسْجِدِ الْأَقْصَى الَّذِي بَارَكْنَا حَوْلَهُ لِنُرِيَهُ مِنْ آيَاتِنَا ۚ إِنَّهُ هُوَ السَّمِيعُ الْبَصِيرُ
“Verheven is Hij die Zijn dienaar ’s nachts heeft doen reizen van de Heilige Moskee naar de Verste Moskee, welke Wij hebben gezegend, opdat Wij hem Onze tekenen konden tonen. Voorwaar, Hij is de Alhorende, de Alziende.”

Dit wordt gevolgd door een vermaning dat de Koran leidt naar datgene wat het meest rechtvaardig en juist is:
إِنَّ هَٰذَا الْقُرْآنَ يَهْدِي لِلَّتِي هِيَ أَقْوَمُ وَيُبَشِّرُ الْمُؤْمِنِينَ الَّذِينَ يَعْمَلُونَ الصَّالِحَاتِ أَنَّ لَهُمْ أَجْرًا كَبِيرًا ‎﴿٩﴾‏

Deze Koran leidt tot dat wat juister is en verkondigt aan de gelovigen die de deugdelijke daden doen dat er voor hen een groot loon is. [de Koran 17:9] Leemhuis

De Israa en Miraj nodigen ons uit om na te denken over de diepten van ons geloof en de onbegrensde mogelijkheden die het geloof in het goddelijke met zich meebrengt. Het is een verhaal van hoop, inspiratie en de herinnering dat in de aanwezigheid van Allah, wonderen geen grenzen kennen.

De gebeurtenissen tijdens isra’ en miraj

Op die nacht kwam Gabriël, vrede zij met hem, naar de Profeet ﷺ terwijl hij rustte bij de hijr-Ismaël bij de Ka’bah. Hij maakte hem wakker om aan een geweldige reis te beginnen. Bij Gabriël was het wezen “Al-Buraq” (groter dan een ezel maar kleiner dan een muildier, met ongelooflijke snelheid. Al-Buraq zette zijn voet neer zo ver als het oog kon zien). De Boodschapper van Allah ﷺ besteeg Al-Buraq en vertrok samen met Gabriël naar de Heilig moskee in Jeruzalem.

Na zijn aankomst in Jeruzalem leidde de Profeet Mohammed ﷺ een uniek gebed, waarbij hij als imam fungeerde voor alle andere profeten. Dit moment, waarop alle boodschappers van Allah zich in een enkele rij verzamelden achter één leider, benadrukt de bijzondere positie van Mohammed ﷺ. Het was een ongeëvenaard gebed, waarbij de uitverkoren Profeet de leiding nam over de grootste verzameling van Allah’s boodschappers, een duidelijk bewijs van zijn vooraanstaande status en eer onder de profeten.

Abu Dharr – moge Allah tevreden met hem zijn – vroeg de Profeet ﷺ: “O Boodschapper van Allah, hoeveel profeten waren er?” Hij antwoordde: “124.000,” en toen vroeg: “O Boodschapper van Allah, hoeveel boodschappers waren er onder hen?” Hij antwoordde: “313, een aanzienlijk aantal.” Al deze immense aantallen profeten en boodschappers werden opnieuw tot leven gebracht en verzamelden zich alleen op die heilige plaats. Welke plaats in de wereld is zo geëerd als Jeruzalem?

Verder hebben we een lange hadith waarin een deel van de reis uitvoerig wordt beschreven:

Anas bin Malik vertelde dat de Boodschapper van Allah (ﷺ) zei:

“Er werd mij een dier gebracht dat groter was dan een ezel en kleiner dan een muildier, wiens stap zo ver reikte als het kon zien. Ik besteeg het, en Jibril was bij mij, en we vertrokken. Toen zei hij: ‘Ga eraf en bid,’ dus dat deed ik. Hij zei: ‘Weet je waar je hebt gebeden? Je hebt gebeden in Taibah, dat de plaats van de emigratie zal zijn.’ Toen zei hij weer: ‘Ga eraf en bid,’ dus ik bad. Hij zei: ‘Weet je waar je hebt gebeden? Je hebt gebeden op de berg Sinaï, waar Allah, de Machtige en Verhevene, met Musa sprak, vrede zij met hem.’ Dus ik stapte af en bad, en hij zei: ‘Weet je waar je hebt gebeden? Je hebt gebeden in Bethlehem, waar ‘isa, vrede zij met hem, geboren is.’ Toen ging ik Bait Al-Maqdis (Jeruzalem) binnen waar de profeten, vrede zij met hen, voor mij verzameld waren, en Jibril bracht mij naar voren om hen in gebed te leiden. Vervolgens werd ik naar de eerste hemel gebracht, waar ik Adam, vrede zij met hem, zag. Daarna werd ik naar de tweede hemel gebracht waar ik de neven ‘Eisa en Yahya, vrede zij met hen, zag. Daarna werd ik naar de derde hemel gebracht waar ik Yusuf, vrede zij met hem, zag. Daarna werd ik naar de vierde hemel gebracht waar ik Harun, vrede zij met hem, zag. Daarna werd ik naar de vijfde hemel gebracht waar ik Idris, vrede zij met hem, zag. Daarna werd ik naar de zesde hemel gebracht waar ik Musa, vrede zij met hem, zag. Daarna werd ik naar de zevende hemel gebracht waar ik Ibrahim, vrede zij met hem, zag. Vervolgens werden we boven de zeven hemelen gebracht naar Sidrah Al-Muntaha en ik werd omhuld door mist. Ik wierp mij neer in prostratie en het werd mij gezegd: ‘(Inderdaad) De dag dat Ik de hemelen en de aarde schiep, heb Ik vijftig gebeden aan jou en jouw Ummah opgelegd, dus voer ze uit, jij en jouw Ummah.’ Ik kwam terug bij Ibrahim en hij vroeg me niets, toen kwam ik bij Musa en hij zei: ‘Hoeveel heeft jouw Heer jou en jouw Ummah opgelegd?’ Ik zei: ‘Vijftig gebeden.’ Hij zei: ‘Jullie zullen ze niet kunnen vestigen, noch jij noch jouw Ummah. Ga terug naar jouw Heer en vraag Hem om vermindering.’ Dus ging ik terug naar mijn Heer en Hij verminderde het met tien. Toen kwam ik bij Musa en hij zei me terug te gaan, dus ik ging terug en Hij verminderde het met tien. Toen kwam ik bij Musa en hij zei me terug te gaan, dus ik ging terug en Hij verminderde het met tien. Toen werd het verminderd met tien. Toen werd het verminderd tot vijf gebeden. Hij (Musa) zei: ‘Ga terug naar jouw Heer en vraag Hem om vermindering, want er werden twee gebeden opgelegd aan de kinderen van Israël maar ze vestigden ze niet.’ Dus ging ik terug naar mijn Heer en vroeg Hem om vermindering, maar Hij zei: ‘De dag dat Ik de hemelen en de aarde schiep, heb Ik vijftig gebeden aan jou en jouw Ummah opgelegd. Vijf staat gelijk aan vijftig, dus voer ze uit, jij en jouw Ummah.’ Ik wist dat dit was wat Allah, de Machtige en Verhevene, had bepaald, dus ging ik terug naar Musa, vrede zij met hem, en hij zei: ‘Ga terug.’ Maar ik wist dat het was wat Allah had bepaald, dus ging ik niet terug.”

Lessen uit Isra en Miraj

De Isra en Miraj, de nachtelijke reis en hemelvaart van de Profeet Mohammed (ﷺ), behoren tot de meest spiritueel verheffende gebeurtenissen in de islamitische geschiedenis. Deze wonderbaarlijke reis biedt meerdere lessen die van onschatbare waarde zijn voor het geloof en de spirituele praktijk van moslims. Hier volgen enkele belangrijke inzichten:

  1. Het belang van salaat in de Islam
    De instelling van de vijf dagelijkse gebeden tijdens de Miraj onderstreept het fundamentele belang van gebed in de islam. Het gebed dient als een directe communicatielijn tussen de gelovige en Allah, en is een moment van reflectie, toewijding en spirituele zuivering. Het leert ons discipline, tijdmanagement en de prioriteit van spirituele verplichtingen boven wereldse zaken.
  2. De barmhartigheid en genade van Allah
    De onderhandeling tussen de Profeet (ﷺ) en Allah, bemiddeld door Musa (vzmh), om het aantal verplichte gebeden te verminderen van vijftig naar vijf, toont Allah’s oneindige barmhartigheid en begrip voor de capaciteiten en beperkingen van de mens. Dit leert ons dat, hoewel Allah ons uitdaagt voor onze spirituele groei, Hij ook genadig en vergevingsgezind is.
  3. De eenheid van de Profeten
    De ontmoeting van de Profeet Mohammed (ﷺ) met eerdere profeten tijdens zijn hemelvaart illustreert de eenheid en continuïteit van de boodschap van monotheïsme door de geschiedenis heen. Dit leert ons respect en erkenning voor alle profeten en de universele principes die zij hebben onderwezen.
  4. Het belang van bpirituele reizen en ervaringen
    De Isra en Miraj benadrukken het belang van spirituele reizen en ervaringen in het leven van een gelovige. Deze gebeurtenissen moedigen ons aan om onze eigen spirituele reis te ondernemen, op zoek naar dichter bij Allah te komen door reflectie, gebed en het volgen van de leerstellingen van de islam.
  5. De waarde van geduld en volharding
    De Profeet (ﷺ) onderging deze reis tijdens een periode van grote persoonlijke beproevingen en gemeenschappelijke tegenslagen. De Isra en Miraj dienden als een goddelijke bemoediging en beloning voor zijn onwankelbare geduld en volharding. Dit leert ons dat, ongeacht de moeilijkheden die we tegenkomen, geduld en standvastigheid in ons geloof altijd door Allah worden beloond.
  6. De realiteit van het ongeziene
    De Miraj opent onze perceptie voor de realiteit van het ongeziene, een kernconcept in de islam. Het herinnert ons eraan dat er meer is dan het materiële universum en dat geloof in het ongeziene een essentieel onderdeel is van onze relatie met Allah.

Deze lessen uit de Isra en Miraj bieden waardevolle inzichten voor het verdiepen van ons geloof, het versterken van onze spirituele praktijk en het leiden van een leven dat in overeenstemming is met de wil van Allah.de mens en het goddelijke, en het belang van gehoorzaamheid en toewijding aan Allah.

Conclusie en Inzicht

De Israa en Miraj zijn meer dan alleen een verhaal over een indrukwekkende reis; ze bieden ons waardevolle lessen over de diepgang van het islamitische geloof. Deze gebeurtenis laat ons zien dat er meer is dan alleen onze zichtbare wereld, en wijst op een grotere werkelijkheid die door Allah’s wil en wijsheid wordt bestuurd. Het spoort gelovigen aan om verder te kijken dan het materiële en te streven naar een diepere kennis van en een sterkere verbinding met het spirituele.

Deze verhalen benadrukken belangrijke islamitische principes, zoals het belang van het gebed als fundament van het geloof en als directe connectie met onze Schepper. Ze bevestigen ook de rol van de Profeet Mohammed ﷺ als de voornaamste boodschapper, wiens voorbeeld ons leidt naar gerechtigheid en spirituele voldoening.

Verder onderstrepen ze het belang van geduld, vertrouwen en doorzettingsvermogen. De ervaringen van de Profeet tijdens deze reis, inclusief zijn ontmoetingen met eerdere profeten, herinneren ons aan de voortdurende boodschap van Allah door de tijd heen en de eenheid onder de profeten in hun missie om leiding te geven aan de mensheid.

Deze hemelse reis toont ook Allah’s onbegrensde barmhartigheid en genade, zoals blijkt uit de vermindering van de dagelijkse gebeden van vijftig naar vijf. Dit leert ons dat de bevelen van Allah niet bedoeld zijn als een last, maar als een weg naar verlichting en een nauwere band met Hem.

In het verhaal van de Israa en Miraj zien we een oproep tot spiritueel ontwaken en de zoektocht naar kennis, om verder te kijken dan het alledaagse en de wonderen van Allah’s schepping te verkennen. Dit opent de deur naar meer verwondering en aanbidding.

Samengevat, de Israa en Miraj vertellen niet alleen het verhaal van een spirituele odyssee; ze symboliseren de zielstocht naar de goddelijke aanwezigheid, herinneren ons aan de wonderen van de schepping, en moedigen aan tot reflectie, begrip en toewijding. Het is deze samensmelting van geloof en logica, het tastbare en het onzichtbare, die de islamitische visie op wonderen uniek maakt, en gelovigen aanzet tot een diepgaandere en zinvollere spirituele reis.


To top